ABG Parochie

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Archieven

Preek op 19 december 2010 in de Gerardus

E-mail Afdrukken PDF

Preek op 19 december 2010 in de Gerardus

Lezingen:  Jes. 7, 10 -14 en Matth.1, 18 -24

Zusters en broeders,

Eerlijk gezegd ben ik bijzonder geboeid door de persoon van Jozef. Het is een van de weinige zondagen dat hij in de aandacht komt te staan. We zien hem nog in de stal, bij de vlucht naar Egypte. Hij is er als Jezus wordt opgedragen in de tempel en op 12jarige leeftijd wordt gezocht en gevonden. Maar verder is het stil rond Jozef. In onze kerk is nog een schilderij waarop Maria en Jezus aan zijn sterfbed staan. In het Evangelie vinden we daar niets over.

Wat we hier over hem lezen, vind ik heel boeiend en de moeite waard. Jozef heeft gemerkt dat Maria zwanger is. Maria zwanger? Zij is niet in zijn huis geweest. Zij is niet zwanger van hem. Normaal gesproken zou dat tot een enorme ruzie hebben geleid. U kent daar vast wel voorbeelden van. Maar hier blijft het stil. Jozef maakt er geen woorden aan vuil. Natuurlijk verkeert hij in grote verwarring. Maar hij gaat bij zichzelf te rade. Maria zwanger? Hij kent haar niet als een slet. Er moet iets bijzonders met haar gebeurd zijn. Hij denkt er over in stilte van haar te scheiden. Dan kan Maria haar eigen leven gaan leiden en hoeft  ze niet in opspraak te komen.  Dat is zijn plan, ingegeven door respect voor Maria en terughoudendheid. Maar in die sfeer krijgt hij een droom. Een engel verschijnt hem met de geruststellende opdracht niet bang te zijn Maria tot vrouw te nemen. Maria is zwanger van de heilige Geest. De zoon, die zal baren moet ‘Jezus’ heten. Dat is: ‘De Heer redt’.

De droom is nog niet ten einde. De profeet Jesaja wordt er bij gehaald. ‘de maagd zal zwanger worden en men zal Hem de naam Emmanuël geven, dat is God -  met –ons.’

Wat mij in Jozef boeit, dat is zijn respect en zijn terughoudendheid. Hij is geen zwart-wit – denker. Hij trekt geen snelle conclusies. Hij wordt niet boos, maar neemt het nieuws ook niet luchtig op. Hij wordt een rechtvaardige genoemd. Dat betekent dat hij niet alleen vroom is, maar de werkelijkheid weegt en probeert recht te doen aan mensen en gebeurtenissen. In onze geloofsbelijdenis belijden we keer op keer dat Jezus is geboren uit de maagd Maria. Maar Jozef kent die geloofsbelijdenis nog niet. Bij hem komt het echt aan op openheid voor het geheim van het leven, op geloof en op een dieper inzicht.

Van Jesaja, van Johannes de Doper en van Maria zeggen we dat zij echt bij de Advent horen. Maar hetzelfde zou je ook van Jozef kunnen zeggen. Door zijn geloof maakt hij niet alleen het leven mogelijk. Hij maakt het mogelijk dat God zijn werk kan doen. En God gaat anders te werk dan wij mensen.

Het evangelie van Mattheüs vangt aan met een lange geslachtslijst of stamboom van Jezus met allerlei ingewikkelde namen. Maar die namen roepen ook gebeurtenissen op, soms ongerijmde gebeurtenissen. Tamar komt er in voor, die op een slinkse wijze een kind baarde van haar schoonvader Juda; Ruth wordt genoemd, die geen Joodse was, maar toch de overgrootmoeder van koning David werd. Ook de vrouw van Uria wordt genoemd. David liet Uria op een gemene manier sterven, omdat hij diens vrouw wilde hebben. Uit die verhouding werd Salomon geboren. En dan wordt Jozef genoemd, de zoon van Jacob. En bij hem staat de naam van Maria, uit wie Jezus geboren zou worden. Ook die geslachtslijst of stamboom trilt van het geheim of het mysterie rond de geboorte van Jezus.

Van dat mysterie is Jozef een getuige. Hij staat op wacht bij het geheim, waar hij deel van gaat uitmaken. Hij eigent het zich niet toe. Hij volgt uiteindelijk niet zijn eigen inzichten. Hij wacht en opent zich voor de droom, die hij van God ontvangt.

Jozef leert ons, hoe wij ons op Kerstmis kunnen voorbereiden of sterker nog, hoe wij in het geloof kunnen staan. Geloof vraagt stilte, respect en eerbied. Geloof vraagt er om dat we durven wachten, niet in de zin van afwachten of gewoon niets doen. Geloof vraagt om geduldig wachten en open te staan voor de tekenen die ons in deze werkelijkheid worden gegeven.

Daarom is het goed om ook even naar die lezing van Jesaja te kijken. Koning Achaz, de koning van Juda voelt zich bedreigd door de landen om hem heen. Hij wil een pact sluiten met de grootmacht Assyrië.  De profeet Jesaja komt hem bezoeken en nodigt Achaz uit om naar de Heer te luisteren en geen eigenmachtige beslissingen te nemen. ‘Vraag een teken van de Heer’, zo vraagt hij de koning. Achaz voelt er niets voor zijn eigen inzichten prijs te geven en hij antwoordt tamelijk schijnheilig, dat hij geen teken zal vragen. Dan komt de profeet met zijn geladen woorden: De Heer zal zelf een teken geven. We merken op dat de profetie niet helemaal overeenkomt met wat in het Evangelie terecht is gekomen. De profeet spreekt over een jonge vrouw, het evangelie over de maagd. De profeet zegt dat ‘zij’ hem de naam Immanuël zal geven. In het Evangelie staat, dat ‘men `hem Immanuël zal noemen. Jesaja wil duidelijk maken dat de Heer trouw zal blijven aan het huis van David. Dat gebeurt ook door de geboorte van Hizkia, eindelijk een koning, die de weg van de Heer wil gaan. In het Evangelie wordt die trouw van de Allerhoogste toegepast op Maria, op Jozef en op Jezus. Zo gaat de profetie ook voor ons leven. Want in Jezus mogen we voelen en ervaren dat de Allerhoogste trouw en betrouwbaar is, ook aan ons.

Jozef doet niet wat Achaz doet. Hij durft zijn eigen inzichten prijs te geven. Hij is werkelijk ontvankelijk voor het teken wat de Heer zal geven. Zo maakt Hij het mogelijk dat Jezus geboren kan worden. Zo blijft Hij met zorg maar ook met ontvankelijkheid en toewijding rond Jezus en Maria staan. Zo wordt hij het beeld van een gelovige. Zo doet hij wat wij zouden kunnen doen.

Met eerbied en met ontvankelijkheid in het leven staan, dat kunnen we van Jozef leren. Dat is belangrijk, niet alleen als het over de openheid voor het geloof gaat, ook als het gaat over het omgaan met elkaar. In ieder van ons schuilt iets heel kostbaars. We zijn beelddrager van God. Hij wil in ons wonen. Dat kostbare mogen we bij elkaar niet kapot maken.

Kerstmis: God wordt mens op een bijzondere wijze. Wie daar ogen voor heeft, kan het zien. Het hart moet niet gesloten blijven. Kerstmis, een uitnodiging om zelf mens te worden en het elkaar mogelijk maken mens te zijn.

Pastor Leo Nederstigt

 

Laatste aanpassing op zondag 19 december 2010 11:57